Hagen knippen én de blad- en takkenmassa keurig opruimen, maar dan beter en sneller. Dat is de ambitie die Dabekausen met zijn nieuwste concept heeft. De trommelhakselaar die dit bedrijf op zijn hagensnoeier RM1250 Pro monteerde, maakt een einde aan verstoppingen. Bovendien reduceert deze innovatie het afvalvolume tot 40 procent.

In-huis ontwikkelde Power RM1250pro

Bijna vijftien jaar geleden bracht Dabekausen voor het onderhoud van hagen het eigen Power RM 1250 Pro-maaidek op de markt. Dit doorontwikkelde traditionele maaidek van 125 cm breed werkt met twee rotoren. Beide hebben ze zowel een mes dat de takken snijdt als een tweede mes dat de gesnoeide takken mulcht. Dit laatste mes staat dieper in de bak gemonteerd, haaks op het snijdende mes. Dit systeem kan takken met een diameter tot 25 mm met gemak aan. En dat is soms nodig. Hagen en heggen knippen doen we in ons land als regel één of twee keer per jaar. Bij snelgroeiende hagen, zoals meidoorn, kunnen zich echter in korte tijd flinke takken ontwikkelen met een lengte van meer dan 80 cm en bijbehorende dikte. Dan is het handig om hiervoor wat extra capaciteit te hebben. Jeroen Huijsmans, directeur bij Dabekausen, vertelt: 'Ons maaidek hebben we mede voor de wat zwaardere bestanden ontwikkeld, maar het is ook zeker geschikt voor het fijnere maaiwerk, zoals dat van haagbeuken, liguster of sneeuwbes in perken. Wanneer je in zwaardere bestanden met de nodige feeling en vakmanschap de rijsnelsnelheid aanpast aan de blad- en takkenmassa, lukt het maaien en tegelijkertijd afzuigen met een traditioneel maaidek prima.'

Geen verstoppingen meer

Wij blijven kansen aangrijpen om het functioneren van het systeem te verbeteren. Huijsmans: 'Bij grof materiaal, zeker als het wat langer is, is er een reële kans dat je verstoppingen krijgt in het afzuigsysteem. De afzuiging zorgt dat de groene massa in de kiepbare bunker terechtkomt. Maar kleine takjes, al zijn ze maar 10 mm dik en 20 cm lang, kunnen de afvoerpijp blokkeren. Dat is heel irritant. De machinist moet dan afstappen van de trekker of de zelfrijder, tegen de buis slaan en tegelijkertijd de installatie laten zuigen.' De oplossing die de specialisten van Dabekausen bedachten, is net zo eenvoudig als effectief. Ze ontwikkelden een hakselaar die op het maaidek gemonteerd wordt. Deze toepassing kennen we al jaren, bijvoorbeeld bij hakselaars voor tuinafval of, in een grotere versie, in een snijmaishakselaar. Huijsmans: 'We hebben gekozen voor een redelijk kleine, maar 50 kg zware unit, die de groene massa met gemak kan verwerken. Het werd uiteindelijk een trommelhakselaar met een vast tegenmes, een soort slaglijst. Die hakselt de houtige delen in snippers. De doorlaat van de unit meet 320 bij 130 mm. De hakselaar slaat de takjes ruwweg in stukjes van maximaal 15 mm. De messenkooi van deze hakselaar heeft drie messen en wordt tegelijkertijd met het maaidek hydraulisch aangedreven. Beide lopen als het ware synchroon. Als er een hakselaar is gemonteerd, loopt hij dus altijd mee. Er is ook extra veiligheid ingebouwd in de vorm van een (optionele) messenrem. Die zorgt dat bij normaal stopzetten of in geval van calamiteiten de hakselaar binnen enkele seconden stilstaat. Dat geldt dan ook voor het maaidek.' Ten opzichte van eerder versies heeft dit maaidek enkele verstevigingen gekregen; die moeten het gewicht van de hakselaar compenseren.

Grote capaciteitswinst met nieuw maaidek

Uiteraard zijn wij niet over één nacht ijs gegaan bij de ontwikkeling. Met de hakselaar zijn de afgelopen herfst de nodige proefuren gedraaid. 'Uiteraard produceert zo'n hakselaar die ongeveer 2300 toeren per minuut draait wat extra geluid', bekent Huijsmans. 'De voordelen die uit de duurtest bleken, zijn echter groter. De opbouw met hakselaar zorgt voor significant minder verstoppingen. Praktisch betekent het dat je in een zware opstand minder defensief hoeft te rijden. Daardoor kun je dus beduidend sneller rijden, zonder dat dit ten koste gaat van de kwaliteit van het maaiwerk.' Volgens Huijsmans kun je er op vlak terrein een rij- en maaisnelheid van meer dan 5 km/u mee halen. 'Dat lukt op een provinciale weg, snelweg of fietspad. In de praktijk ligt een realistische werksnelheid in stadwijken, waar je obstakels of oneffenheden tegenkomt, tussen de 1,5 en 3,5 km/u. In het laatste geval maakt de proportionele besturing van McConnel het voor de machinist gemakkelijker om de maaiarm soepel te corrigeren, waardoor de haag vlak wordt', aldus Huijsmans. 'Al met al praat je, afhankelijk van de situatie, over mogelijk wel dertig tot vijftig procent capaciteitswinst met dit nieuwe maaidek. Door alles vooraf te versnipperen, gaat het materieel veel gemakkelijker via de afzuigpijp naar de 1650 liter-Matev-bunker. Anders dan voorheen met grover materiaal laat de hoogkiepbunker zich nu veel vollediger vullen. Ook hier zien we dus capaciteitswinst.'

HagenProfi Gen II

In 2009 introduceerde Dabekausen met zijn eerste prototype het mechanische maaien van hagen en tegelijk afzuigen in Nederland. Dit totaalconcept draagt de naam HagenProfi. 'Vanwege de stabiliteit bouwen we onze HagenProfi meestal op 1,80 m brede semi-compacttractoren en werktuigendragers. Denk aan een Boomer 50, een John Deere 4066 of een Multihog, Holder of Kärcher. Daarmee kun je op de meeste fiets- en voetpaden prima werken. Lichter kan ook, namelijk opgebouwd op compacttrekkers zoals uit de John Deere 3-serie of de New Holland 30/35-serie. Dan kan er ook op 1,50 m smalle trottoirs gewerkt worden. Na het eerste prototype heeft Dabekausen ieder jaar tien tot vijftien van dergelijke systemen opgebouwd. In die tijd is een aantal innovaties doorgevoerd. 'We zijn nu zover dat we het een tweedegeneratiesysteem noemen', zegt Huijsmans met overtuiging. 'Vandaar de naam HagenProfi Gen II.'

Betere gewichtsverdeling

Vanzelfsprekend kunnen aan de McConnel-armmaaier ook andere werktuigen gebouwd worden, zoals diverse takkenscharen, cirkelzagen of zelfs een onkruidborstel. In 2019 zette het bedrijf een grote stap in de doorontwikkeling van het gehele concept. De hydrauliektank en -pomp werden naar achteren verplaatst. Dit leverde een substantiële vermindering van het gewicht op de vooras van de tractor op, van maar liefst 350 kg. Dit gewicht komt evenredig meer op de achterkant te rusten, waar het gehele aandrijfsysteem nu geïntegreerd is in het Matev-containerframe. Het frame van de 1650 liter-Matev-hoogkipbak wordt bij Dabekausen volledig verstevigd en de unit loopt niet langer op eigen wielen, maar hangt stabiel in de hefinrichting. Verder krijgt de vooras maaiarmondersteuning in de vorm van een as-afstempeling door middel van een cilinder. Dit komt de stabiliteit ten goede en verdeelt bovendien de last op de voorwielen veel evenrediger. Bij compacttractoren is dat heel waardevol. De McConnel-maaiarm is vast opgebouwd middels een verstelbare plaat aan de voorkant van de tractor. De hydrauliekslangen, alle uitgerust met snelkoppelingen, lopen centraal langs de linkerkant van de tractor. Fabrikanten als John Deere, New Holland en Kärcher ondersteunen dit ontwerp van Dabekausen. Ze hebben hun fabrieksgarantie aangepast ten behoeve van het concept van de HagenProfi. Dankzij de betere gewichtsverdeling stuurt het geheel prettiger en is ook het rijgedrag tijdens werk en transport verbeterd dankzij de hogere stabiliteit. Deze totaal nieuwe opbouw maakt van het HagenProfi-concept in combinatie met de trommelhakselaar een uitgebalanceerde capaciteitsmachine om hagen te onderhouden.

Waterpas maaien

Is Jeroen Huijsmans een professional die alleen maar in strakke en vlakke hagen denkt? Hij lacht en zegt: 'Dat dacht ik niet, want het hangt ervan af. In het buitengebied moet je geen strak geschoren kasteeltuinhagen willen. Laat ze daar glooiend met het landschap meegroeien. Je kunt hoogteverschillen benutten om een landschap met heggen te accentueren, zoals dat in het stroomgebied van de Maas met de vlechtheggen gebeurt. Strak maaien als met een waterpas is meer iets voor een provinciale weg of een woonwijk.' Mechanisch onderhoud is overigens iets wat in de vorm van klepelen uit het VK is komen overwaaien in het begin van de jaren 80. In Nederland wordt de techniek van het maaien en mulchen van hagen steeds vaker toegepast, terwijl die in Duitsland nog in opkomst is. Huijsmans: 'Nederlandse gemeenten lieten eerder hun hagen eens in de drie jaar onderhouden. Tegenwoordig gebeurt dit tweemaal tot soms driemaal per jaar, maar dan zonder een snoeiploeg. Met dit intensievere mechanische onderhoud bespaar je kosten en de haag komt mooier en voller terug. Dit zie je echter niet meteen wanneer je start met dit systeem; het heeft enkele snoeirondes nodig om tot uiting te komen. Bij niet-frequent onderhoud verwildert de haag. Snoeien betekent groeien!'

Effectief en efficiënt werken

We weten allemaal dat het groenonderhoud vanwege gemeentelijk herindelingen vaak met minder mensen uitgevoerd moet worden, terwijl de inwoners steeds kritischer en mondiger worden. Ze willen zondags op de fiets in het buitengebied geen zwiepende takken in hun gezicht krijgen en wensen hun vrije tijd in nette en verzorgde ruimtes te besteden. Huijsmans: 'Vandaar dat wij onze combinatie van mechanisch hagen maaien, mulchen, versnipperen en afvoeren perfectioneren. We lopen met deze technieken in Nederland nu echt voorop. In Duitsland heeft men een heel andere denkwijze. Daar onderhoudt men hagen nog meer traditioneel met een hele ploeg, soms zes man, gewapend met (motor)zagen en snoeiers en bladruimers. Bij ons systeem werken we met een machinist op de tractor en een medewerker met een trimmer, die takken of laag-bij-de-grondse uitlopers op lastige plaatsen verwijdert en op de haag gooit. Alles is netjes opgeruimd als de tractor langs is geweest. Iets waar zo'n snoeiploeg van zes man soms wel dagen over doet, doe je met deze techniek in een handomdraai!'

of heeft u een vraag?

Zoeken

Geef uw zoekterm in en druk op enter